Alles is goed gekomen

Mijn 92-jarige tante vraagt me: “Wat kan ik doen om te helpen zodat de gaswinning bij jullie stopt?” Elke keer als er een aardbeving is geweest belt zij of mijn oom. Deze week waren er vijf bevingen en raakte ze in paniek toen ze me niet gelijk kon bereiken. Ze was bang dat ik mijn eigen huis op mijn kop had gekregen.

Voor mij is leven met aardbevingen en alle shit die daaruit voorvloeit een ‘way of life’ geworden. Ik probeer er zo goed mogelijk mee te dealen, want ik heb mijn hart aan Groningen verpand. In goede en in slechte tijden. Maar waar ik níet tegen kan is dat mijn dierbare oom en tante, aan de andere kant van het land, zich zorgen over mij maken. Niet omdat het slecht met me gaat, maar omdat Vadertje Staat slecht met mij omgaat.

Dat ze op hun oude dag dagelijks het nieuws over Groningen volgen, in plaats van een goed boek te lezen (mijn tante) of de orchideeën te vertroetelen (mijn oom), snijdt me door mijn hart. Ik wil niet dat ze zich hier druk over hoeven maken. Ik wil zo graag tegen ze kunnen zeggen: ‘Maken jullie je geen zorgen, de gaswinning is gestopt en de aardbevingen ook, alle schades zijn hersteld en alle huizen versterkt. De rust is teruggekeerd, alles is goed gekomen’.

Ik ben bang dat ze dat niet meer mee zullen maken.

Negen jaar na Huizinge: zijn de problemen opgelost?

16 augustus 2012, de Groningse bodem schudt en kraakt door de zwaarste aardbeving tot nu toe. Huizinge 3.6 op de schaal van Richter. Het is het begin van een nationale bewustwording: hé, er is echt iets aan de hand in Groningen. Het zijn tóch geen aanstellers die zeuren over scheurtjes in hun huis.

Er worden instituten en commissies opgetuigd om de ontstane schade voortvarend en ruimhartig te vergoeden. Dorpen krijgen architecten toebedeeld om gezamenlijk hun huizen te versterken. Speeltuintjes en dorpshuizen worden gratis opgeknapt door de NAM, het bedrijf dat de schade veroorzaakt.

16 augustus 2021, niemand in Nederland weet nog wat er vandaag, negen jaar geleden, in Groningen gebeurde. Waarom zouden ze ook, alle schade is hersteld en alle huizen versterkt. De gaswinning gaat binnenkort stoppen, dus probleem opgelost.

Maar waarom bezoekt Mark Rutte op 12 augustus jl. dan Loppersum? Waarom praat hij met wanhopige gedupeerden en met medewerkers van Stut-en-Steun die zich uit de naad werken om de bewoners te helpen hun weg te vinden in het oerwoud van steeds veranderende regels. En waarom gaat hij langs bij de Commissie Bijzondere Situaties, een commissie die zich bezighoudt met bewoners die door de jarenlange ellende er helemaal doorheen zitten.

Als de problemen echt waren opgelost, hoefde hij hier toch niet meer te komen?

De helletocht ná een aardbeving

Vannacht beefde de bodem in Stedum en wijde omgeving met kracht 2.3 op de schaal van Richter. Ik was net mijn bed ontvlucht door de muggen, toen ik de aardbeving onder mijn huis door voelde rollen. Het is inmiddels een bekend gevoel, het doet me niet meer zo veel. Dat is wel eens anders geweest. Wat me wel veel doet is de helletocht die na een beving volgt. Het begint met een tweet van het schadeloket IMG:

Besluit je je schade te melden, dan wacht je een 10-stappen tellende procedure. Dat klinkt als best te overzien, maar het IMG (Instituut Mijnbouwschade Groningen) weet elke stap zo ingewikkeld te maken en zo juridisch dicht te timmeren, dat van te voren de moed je al in de schoenen zakt. Wat natuurlijk ook de bedoeling is, want het IMG heeft nog 19.000 onafgehandelde schademeldingen op de plank liggen en daar hebben ze de handen vol aan.

Je mag als bewoner van geluk spreken als je binnen twee jaar je schadevergoeding binnen hebt. In mijn geval heeft het zelfs drie-en-een-half-jaar geduurd. Dat een deel van je schade afgewezen wordt op oneigenlijke gronden (slappe klei, recent geen beving geweest) hoort er ook bij. Soms wordt zelfs al je schade afgewezen.

De beving van vannacht was zwaar genoeg om het landelijke nieuws te halen. De berichtgeving beperkt zich tot: locatie, kracht, diepte, tijdstip. Plus wat citaten van bewoners: doodeng, het huis kraakte, dat was er weer een. Geen journalist besteedt aandacht aan de helletocht ná een aardbeving. Zo’n beving is snel voorbij, maar de gevolgen bepalen nog jarenlang je leven en je woongenot.

Beste journalisten, kijk en schrijf de volgende keer alsjeblieft voorbíj de aardbeving.

De Groene Amsterdammer geeft het goede voorbeeld: ‘Waar is hier de menselijkheid?’

Red je zelf maar, wij doen niets

Je weet hoe dat gaat met aardbevingen. Je weet nooit wanneer ze komen en je weet nooit hoe zwaar ze zullen zijn. Daardoor weet je ook nooit wat je te wachten staat als je de pech hebt in het gaswinningsgebied te wonen. Staat je huis er nog als je van je (essentiële) werk thuis komt of stort het dak boven je thuiswerkplek in terwijl je net aan het Zoomen bent met je baas. Je weet het gewoon niet. Dat maakt het leven in Groningen tot een hachelijk avontuur.

Maar nu heeft de Veiligheidsregio daar iets op bedacht. Ze gaan ons voorbereiden op een zware aardbeving (die volgens ex-minister Wiebes niet meer komt, maar dat terzijde). Dat doen ze met de campagne: Eerste hulp ben jij. Wat blijkt: als het hier echt mis gaat, zijn we op ons zelf aangewezen. De hulpdiensten moeten of uit Friesland komen of liggen zelf onder het Groningse puin, dus daar heb je niets aan. We moeten onszelf redden en de Veiligheidsregio legt ons op een gaaf website-tje graag uit hoe we dat moeten doen.

Het is dus niet de Veiligheidsregio die alles op alles zet om de hulpverlening op orde te hebben, nee, ze schuiven het af op ons, de bewoners van de onveiligste provincie van Nederland. Sla maar water in en wc-papier, koop alvast een noodtent met stretcher, een tandenborstel en tandpasta is ook handig. Train je hond om slachtoffers te vinden onder de puinhopen van wat ooit onze huizen waren. En zoek het verder maar uit, daar komt het eigenlijk op neer.

Oh ja, red je zelf geldt niet alleen bij aardbevingen, maar ook bij brand, cyberaanval, kernongeval, terrorisme, overstroming en onterecht teruggevorderde kindertoeslag.

Over onze hoofden, achter onze ruggen, onder onze voeten

Wij Groningers zijn nuchtere, praktische mensen. Hebben we een deuk in onze auto dan laten we eerst de schade repareren en pas daarna de auto overspuiten. Niet andersom. Daarom durf ik wel te beweren dat, hadden wij het hier voor het zeggen, de boel allang op orde was: onze huizen versterkt, alle schade gerepareerd, smartengeld en waardedaling uitbetaald en een goed gevuld fonds om Groningen er weer helemaal boven op te helpen.

Maar helaas. Een heleboel mensen hebben wat te zeggen over Groningen, maar wij niet. Er wordt over ons vergaderd en gedebatteerd, er worden doekjes voor het bloeden uitgedeeld (schommels voor de jongste bevingsslachtoffertjes bijvoorbeeld), er worden plannen gesmeed tot het ijzer oververhit is. En elke keer flakkert onze hoop op en elke keer weer komen we van een koude kermis thuis. En het is al zo koud in onze gescheurde huizen.

Gisteren is het Groninger Bouwakkoord getekend door een heleboel partijen, maar niet door ons. Vandaag doet Minister Ollongren beloftes aan de bewoners van alle ‘vergeten huizen’ in Appingedam. Voor wat die beloftes waard zijn. En onder onze voeten blijft de aarde gewoon zijn ding doen: een aardbeving bij Westeremden 2.0 Richter, vanmorgen om 7.30 uur. Over de aarde hebben we ook al niets te zeggen.

Update
Dit blog is op 5 september in de Volkskrant verschenen als brief van de dag. Ook de Taalstaat heeft er aandacht aan besteed (Radio 1 om 11:18:50).
Aandacht is fijn, maar zeggenschap is beter.